dinsdag 18 november 2014

Petrus en Paulus leren ons gelovig zijn

Op 18 nov. vieren we de inwijding van de basilieken van Petrus en Paulus te Rome
Omdat Zij aan ons het geloof, waarden en normen bijbrachten, daarom vieren wij hen bijzonder op deze dag. Petrus leert ons: God uw hemelse Vader, in zijn grote barmhartigheid, liet u herboren worden tot een leven van hoop door de opstanding van Jezus Christus uit de dood, tot een onvergankelijke, onbederfelijke en onaantastbare erfenis, die voor u is weggelegd in de hemel. In Gods kracht geborgen door het geloof, wacht gij op de redding die al gereed ligt. Weest daarom vol vreugde, ook al hebben wij nu, als het zo moet zijn, voor een korte tijd te lijden onder allerlei beproevingen. Dan zullen lof, heerlijkheid en eer ons deel zijn. Gij zult vervuld zijn van een onuitsprekelijke en hemelse vreugde wanneer gij het einddoel van uw geloof, uw redding, bereikt (1 Petrus 1, 3-9). In zijn eigen lichaam heeft Jezus onze zonden op het kruishout gedragen, opdat wij afsterven aan de zonden en gaan leven voor gerechtigheid (1Petrus 2, 24)

Paulus leert ons: De goedheid en mensenliefde van God onze Redder is in Jezus Christus verschenen en Hij heeft ons gered omdat Hij barmhartig is. Hij redde ons door het bad der wedergeboorte (het doopsel) en de vernieuwing door de Heilige Geest (Het vormsel) die Hij over ons liet neerkomen. Zo zijn wij gerechtvaardigd door zijn genade en erfgenamen geworden van het eeuwige leven waar onze hoop op gericht is (1Titus 3, 4-7). Daarom hebben wij de plicht ons te schikken naar overheid en gezag, gehoorzaam te zijn en bereid tot ieder goed werk, niemand te lasteren en geen ruzie te zoeken maar vriendelijk te zijn en uiterst zachtmoedig in de omgang met alle mensen (1 Titus 3, 1-2). Oudere mannen moeten matig zijn, ernstig en bezonnen, bedacht op verdieping van geloof, op liefde en volharding in goede werken. Zo moeten ook oudere vrouwen zich waardig gedragen, niet kwaad spreken en jongere vrouwen bijbrengen hun man en kinderen lief te hebben, bezonnen en eerbaar, ijverig en vriendelijk te zijn (1 Titus 2, 2-5).
Deze leer was onderdeel van de catechese ter voorbereiding op het heilig doopsel van de kristenen vanaf de tijd van de Apostelen.
_________________________________ 


zondag 2 maart 2014


Zalige Hoogdag van Pasen!


Dat Jezus gestorven is aan het kruis en daarna in een rotsgraf werd neergelegd, daaraan twijfelt geen mens. Maar dat Hij kort daarna levend verschenen is, o.a. aan Maria Magdalena, die zijn lichaam kwam balsemen, dat geloofden eerst zelfs de Apostelen niet.(Marcus 16,11) Ook mochten de Apostelen zelf Hem daarnal evend terug zien, ja levend maar anders dan voorheen, want gesloten deuren hielden Hem niet tegen. En toch was Hij dezelfde, want Hij droeg de tekenen van de wonden; Hij sprak als voorheen woorden van vrede; Hij werd herkend aan het breken van het brood; Hij liet zich aanraken en at een stuk vis in hun bijzijn. Zonder die verschijningen en zonder de Nederdaling van de H. Geest over de Apostelen, zou het geloof in de verrijzenis ondenkbaar geweest zijn en zou de Kerk nooit van de grond gekomen zijn. Maar precies door de ervaring van Zijn ‘opnieuw-levend-mens’ zijn, hebben zij de moed gehad om over hun geloof in de Verrijzenis te getuigen, ja zelfs op gevaar voor eigen leven. Pas na het meemaken van zijn reële aanwezigheid, begonnen de Apostelen Hem echt te kennen. Zalig wie niet gezien en toch geloofd hebben, zei Jezus maar de Apostelen mochten Hem zien. Zij echter op hun beurt leerden ons 'in geloof' het mysterie van zijn Verrijzenis te aanvaarden.

Het woord Pasen komt van het Hebreeuwse woord: 'Pacha' en betekent: 'Overgang'. Op Christus toegepast slaat het op de overgang van Jezus aards leven naar zijn verheerlijkt leven bij de Vader. De boodschap die daarvan uitgaat, is dat Jezus ons is voorgegaan 'per crucem ad lucem', van kruis naar verheerlijking en betekend dat wij ook geroepen zijn die overgang mee te maken na onze opname in het geheim van Gods goedheid en na onze bekleding met Jezus' heerlijkheid. Dit was zijn belofte: Zie ik blijf bij u, al de dagen, tot aan einde der tijden. En na ons aards leven zou Hij ons opnemen in het geheim van Gods Goedheid, wat wij 'de Hemel' genoemd hebben. Deze belofte van de Heer kan ons hoopvol stemmen in een tijd van Godsverduistering en van het leeglopen van de kerken. Pasen en Pinksteren zijn een goddelijke ingreep geweest die de Apostelen zozeer overtuigd en enthousiast heeft gemaakt dat daarna de wereldkerk is kunnen ontstaan.      

  • Petrus sprak op Pinksteren tot de menigte: Deze Jezus, God heeft Hem doen verrijzen en daarvan zijn wij (Apostelen) de getuigen. Petrus wordt daarvoor in de gevangenis gezet en krijgt verbod nog ooit over Jezus te spreken. Maar tot het Sanhedrin zegt hij: Men moet God meer gehoorzamen dan de mensen. De God van onze vaderen heeft Jezus ten leven gewekt, Jezus aan wie gij u vergrepen hebt door Hem aan het kruis te slaan (Hand. 5, 29)Het staat dus onwrikbaar vast: de Hemelse Vader heeft Jezus bij de hand genomen en Hem uit het graf doen opstaan! Maar wat betekent dat nu voor ons?... Het betekent dat God de zending en het Evangelie van Jezus authentiek heeft verklaard. En de volgende belangrijke vraag is: Wat is dan de kern van dat Evangelie?... Kort samengevat komt het hierop neer: 
  • - door onze zonden op zich te nemen en door de gave van zijn leven op het kruis, heeft Jezus onze zonden weggenomen en ons bekleed met gerechtigheid. Ook heeft Hij de toegangspoort tot eeuwig leven voor ons ontsloten;
  • - niet God moest verzoend worden want God is liefde zonder maat, maar de mens moest van zondeschuld verlost en met gerechtigheid bekleed worden om later ook met heerlijkheid bekleed te kunnen worden;
  • - door zijn lijden en kruis heeft Jezus een levenslange, innige en liefdevolle verbondenheid met God mogelijk gemaakt. Zo wordt de mens, door de verlossing die Jezus brengt, geheeld in zijn diepste wezen;
  • - het Heil is ons ten deel gevallen: Jezus brengt ons volheid van leven en eeuwig leven; Jezus wordt onze Heiland en zal ook onze Zaligmaker zijn, althans indien wij tenminste gedurende ons aardse bestaan dit Heil waardig geworden zijn door een gelovig en christelijk leven;
  • - Jezus heeft bekomen dat God ons als zijn geliefde kinderen aanneemt en dat wij voor Gods aanwezigheid kunnen leven in gerechtigheid en heiligheid; 
  • - zo vormen wij een gemeenschap van heiligen, dwz een wereldwijde familie van mensen die aan de Heilige God zijn toegewijd. Dit belijden wij in het Symbolum van het geloof wanneer wij zeggen: Ik geloof in de heilige katholieke Kerk, de gemeenschap der heiligen, enz.

Eigenlijk is er nog veel meer wat ons ten deel valt, want God schenkt in zijn milde goedheid niets minder dan zichzelf. Hij, die de alom tegenwoordige God is, wil op bijzondere wijze wonen in ons hart. Als wij dat willen en vragen dan werkt Gods genade in ons. Hij schenkt ons, al naar de levensomstandigheden waarin wij verkeren, wijsheid, inzicht, sterkte, vuur van liefde, vuur van goddelijke liefde. Zo ligt God mede aan de oorsprong van onze dienstbaarheid, sociale bewogenheid, solidariteit, broederlijk delen, inzet voor een betere samenleving en een betere wereld. Als de mens het wil en vraagt dan veredelt God hem en wordt hij nieuw, ja gans nieuw in Christus Jezus. Wij worden door doopsel en sacramenten uit God herboren, mits geloof natuurlijk en evangelisch leven. Niemand immers wordt door God gered tegen zijn wil of ondanks zichzelf. De mens kan neen zeggen aan God maar stort wel zichzelf aldus in het verderf.

De verlossing die Christus brengt door zijn kruis heeft aan de mens voorgoed zijn adel, zijn waarde en zijn bestaanszin terug gegeven. In Christus verlossingswerk wordt pas duidelijk wie wij ten diepste zijn... En jij, lieve medemens, ook jij kunt in stil en langdurig vertoeven bij de Heer de adel van uw Christen zijn beleven en er hoop en vreugde in vinden. Paus Franciscus schreef een exhortatie over de vreugde van het Evangelie (Evangelii Gaudium). Lieve medemens, je hebt toch uw geloof niet in de mist laten gaan!... Moest dit jammer genoeg toch zo zijn, verlies dan de moed niet, wanhoop niet. De goede God is barmhartig en ontfermt zich over de zondaar die zich bekeert. Verzoening met God is in Christus Jezus steeds mogelijk!... Houd uw Pasen!... De verrezen Heer zal weer zijn intrek bij u nemen, zal weer uw Leidsman ten leven zijn. Dat is zijn heilswil voor alle mensen die 'van-goeden-wille' zijn. En God die liefde is, zal weer in uw hart wonen zodat gij in liefde zult leven en van zijn liefde zult getuigen in de wereld.

En wat betekent liefde? Liefde is goedheid, vriendelijkheid, eerbied, zachtmoedigheid, vredelievendheid, geduld, veel geduld met mensen die het ons soms lastig maken. Liefde is zelfbeheersing en vergevingsgezindheid. Liefde is datgene wat God ons wil leren. Mensen op volwassen leeftijd roepen onvermijdelijk soms misverstanden op, ondervinden tegenstand en soms ook vijandigheid. Vergeving is dus noodzakelijk om de vrede te bewaren of te herstellen. Vergeving schenken is wat wij in Jezus naam gaarne en altijd moeten opbrengen. Gaarne vergeving te schenken kan echter alleen als Gods kracht en genade in ons werkzaam zijn en daarvoor is gebed nodig. De kracht om lief te hebben, wortelt in het geloof in de Goede God en in zijn vergevende liefde voor ons.

God wil vrede op aarde maar wij moeten die vrede bewerken eerst in eigen omgeving. Daarna kunnen wij, met zijn steun en genade, bouwen aan een betere samenleving en een betere wereld waarin Gods droom werkelijkheid wordt. Jezus, noemt ons zijn vrienden en vraagt ons zijn evangelisch woord ter harte te nemen en zijn voorbeeld na te volgen. Hij vraagt ons de wegen te bewandelen die Hij ons wijst. Zo groeien wij naar volheid van leven en eeuwig leven. De navolging van Christus geeft richting en zin aan ons leven. Het komt er vooral op aan Gods liefde handen en voeten te geven. Met Hem vereent te leven, daarin ligt het ware geluk en de volheid van leven. De Heilige Theresia van Lisieux schrijft: "Wat is het heerlijk te bedenken dat de Heer in ons zijn intrek neemt, dat Hij onze Leidsman ten leven wordt en dat Hij steeds naar ons ziet met ogen doorstraald van vriendschap en goddelijke liefde".

De Apostel Johannes schrijft: Wij getuigen dat de Vader zijn Zoon heeft gezonden om onze Heiland te zijn. Als gij dat erkent dan woont God in u en woont gij in God. Jezus, zelf zei: Gij zult de Heer uw God liefhebben met geheel uw hart en geheel uw ziel en in al uw gedachten en gij zult uw naaste beminnen als uzelf.  Dat is onze roeping en dat zal ook onze redding zijn: Wij worden allen door de goedheid en de genade van de Heer Jezus gered (Hand. 15, 7). Jezus, zei ook:  Zoals ik leef door de Vader, de levende, die mij in de wereld zendt, zo zal ook hij die zich met mij voedt in de Eucharistie leven uit mij (Joh. 6).

De liefde die je van Hem krijgt zal je uitstralen. Wie zich voedt met het levende brood (dat ik ben) zal niet alleen leven vanuit mij maar ook eeuwig leven (Joh. 6). Ja, God is zoals de zon: overlopende maat van zelfmededeling en zelfgave. Hij is leven en schenkt leven. Hij is liefde en schenkt liefde. Hij schenkt ons zijn Zoon die tot ons Gods woord spreekt en die aan ons Gods Geest schenkt, de Geest die in ons zijn woning bouwt, die ons geweten en ons hart raakt zonder ons ooit te dwingen. Hij is degene die ons verlicht, troost, zalft en helpt. Hij is de Geest die ons 'leven' schenkt, volheid van leven en eeuwig leven. In zijn hogepriesterlijk gebed bad Jezus aldus: Vader, diegenen die Gij Mij hebt toevertrouwd, wil ik bij Mij hebben waar ik ben, zodat ze de heerlijkheid zien waarin U Mij hebt laten delen, want vóór de grondvesting der wereld had U Mij al lief (Joh. 17, 24)

Zalige Hoogdag van Pasen. De Heer is verrezen. Hij leeft. Alleluia, alleluia!

Pater André Loyson, Ninoofsesteenweg 548, 1070 Brussel





 

dinsdag 11 februari 2014

Gij zijt het zout en het licht van de wereld


Zout en licht zijn in de samenleving, hoe kan dat in een geseculariseerde samenleving waar materialisme, individualisme, geld en winstbejag haaks staan met een christelijke levenshouding?

De mens nochtans, ook in deze samenleving, is en blijft ’n eeuwig geliefde van God. Hoe kan hij leren leven naar Gods welbehagen? Hoe kan onze apostolische inzet hem ten goede komen? Hoe kunnen we zout en licht zijn in deze samenleving (Marcus 5, 13)?

Een leven leiden naar Gods welbehagen, daar gaat het om in de Kerk en alle gelovigen zijn geroepen om daarvan het voorbeeld te geven. Dat betekent dat wij door onze innerlijke levenshouding blijk geven van:

  • Onthechting aan geld en materiële goederen
  • Dat betekent dat wij met anderen begaan zijn, dat wij ons kunnen wegcijferen voor anderen. De profeet Jesaja zegt: “Keer u niet af van uw medemensen. Dan zal uw licht stralen als de dageraad”
  • Dat betekent dat wij met al onze medemensen respectvolle relaties onderhouden en dat er goedhartigheid en warme genegenheid is in onze families en gemeenschappen
  • Dat wij universele broederschap betrachten ook in een multiculturele maatschappij
  • Dat wij vooral diep geloof, inwendig geestelijk leven en intens gebed aanhouden. Dit sterkt ons en schenkt ons innerlijke vreugde, ja zelfs bij tegenkanting en beproevingen allerhande. Zo getuigen wij van ’n christelijke levensstijl. Zo worden wij zout en licht voor anderen. “U zult mijn getuigen zijn”, zegt de Heer. Daarvoor is vereist dat wij onder de mensen komen, ons niet afzonderen. Zo alleen kunnen anderen zien wat gelovig en christen zijn betekent, zo alleen zien zij:

  • Dat gelovigen, zoals de Heer Jezus zelf, niet uitzijn in de eerste plaats op geldgewin, bezit en rijkdom
  • Dat wij bewerkers van vrede zijn, niet hoogmoedig zijn maar eenvoudig en nederig
  • Dat wij streven naar ’n betere wereld en ons daarvoor inzetten en dat met geweldloze middelen, met zachtmoedigheid maar ook met moed en volharding.
Wij mogen ons niet teveel inlaten met de gangbare mentaliteit, want Als we beginnen te denken en te doen als iedereen, als wij wereldse en lauwe christenen worden, wat hebben we dan nog te bieden? Zijn we dan nog zout dat de liefde doet oplaaien? Zijn we dan nog licht dat geloof en hoop doet opleven en dat de mens en de samenleving beter maakt?

Gelovigen moeten de moed opbrengen zichzelf te zijn, anders en voorbeeldig te zijn, want zo spreekt de Heer: “Als de mensen al het goede zien van uw doen en laten en gaan beseffen dat gij leeft naar Gods wil en  welbehagen, dan zullen zij uw Hemelse Vader daarvoor verheerlijken”.

Ja, zo is men getuige van Jezus Christus, licht en zout geput uit zijn Evangelie, uit zijn levensvoorbeeld. Met Hem vereent te leven en vanuit Hem te leven, dat stelt ons in staat zout en licht te zijn. Zo kan Gods liefde - zoals de zon door de brandramen van 'n kerk -  ook doorheen ons doen en zijn oplichten bij de mensen en welzijn, goedheid en warmte brengen in de samenleving.

Moge dus de Heer in ons hart wonen, ons met zijn liefde warmte en innerlijke vreugde schenken. Moge Hij ons sterken en verlichten, ons leven voorbeeldig en vruchtbaar maken. En evenals de boer die gezaaid heeft, kunnen we dan alleen nog maar geduldig wachten op de oogst, want het Rijk Gods bouwen wij niet zelf, het is uitsluitend ’n daad en ’n gave van God. Het is genadewerk. Immers in het binnenste van de mens vestigt God zijn Rijk door het verwijderen van alles wat tegengesteld is aan zijn wil en door al wat we doen en zijn te onderwerpen aan zijn goddelijk welbehagen.

Neen, het Rijk Gods bouwen we niet zelf, wel kunnen en moeten wij bidden voor de komst van Zijn Rijk, voor de komst van Jezus als heer in eigen hart en in de harten van de mensen.

"Onze Vader die in de hemel zijt, uw Rijk kome, uw wil geschiede op aarde". Misschien dacht u dat dit vrome wensen zijn, maar neen, dit is smeekgebed, dit vragen wij met aandrang zoals we ook vragen om ons dagelijks brood en om de vergeving van zonden.

Bidden we aldus: “Hemelse Vader, maak toch dat uw Rijk de harten verovere en dat uw wil geschiede door ons en door de mensen overal in de wereld”. Als dat gebed verhoord wordt, komt dan de hemel niet op aarde?

“Het gebed is zo krachtig” - hoorde ik ’n moeder eens zeggen en zij voegde eraan toe: “al wat ik voor mijn kinderen in het gebed gevraagd heb dat heb ik altijd verkregen”. En in Marcus 9 zegt de Heer: “Er is kwaad in de wereld dat door niets anders kan uitgeroeid worden dan door bidden en vasten”. Onze invloed in de samenleving vindt haar bron en haar voedingsbodem in het gebed en wellicht vooral in gebed met vasten (vasten dat ten onrechte in onbruik is geraakt). Ergens ook zegt de Heer dat we altijd moeten bidden en dat kan als wij alles doen in naam van de Heer en telkens weer beroep doen op zijn hulp.

_______________________

woensdag 30 oktober 2013

Binnen gaan en aanzitten in het Koninkrijk Gods hoe kan dat?

Doe al wat je kunt om door de nauwe deur binnen te gaan en aan te zitten in het koninkrijk Gods (Luc. 13, 24)

Dat betekent dat wij de weg bewandelen van de tien geboden, ‘n godsdienstig leven leiden, ‘n leven van geloof en liefde tot God en tot de naaste. Aan al wie aandacht schenkt aan Gods woord en de geboden ernstig neemt, aan hen wordt de genade gegeven uit zichzelf te treden, d.w.z. niet meer egoïstisch voor zichzelf te leven, edelmoedig, vrijgevig en dienstbaar te zijn, Gods goedheid en liefde uit te stralen doorheen gans ons doen en laten.
Bovenal bemin één God. Dat is het begin van de 10 geboden. Daarmee begint een mooi en zinvol leven. Het vraagt wel een levenslange inzet maar dat is onze roeping.
De goede Vader is, met zijn Zoon en met de H. Geest, aan de oorsprong van ons menselijk bestaan. Hij is de bron van waaruit alles begon. Hij is de Alfa die ons in het leven riep en in het leven houdt. Hij is de gevende oorsprong van ons bestaan. Hij is de Alfa maar ook de Omega, d.w.z. onze uiteindelijke bestemming. Hij is de levensbron die scheppend in ons en met ons werkzaam aanwezig is in de wereld.
Jezus, zegt in het evangelie van Johannes hoofdstuk 6: “Zoals ik leef door de Vader, de levende, die mij in de wereld zendt, zo zal hij die zich voedt met mij, leven uit mij.” De liefde die je dan van Hem ontvangt kan je delen en uitstralen naar anderen. En "wie zich voedt met het ‘levende-brood (dat-ik-ben)", zo spreekt de Heer, "zal niet alleen leven vanuit mij maar ook eeuwig leven".
God is, zoals de zon, overlopende maat van zelfmededeling en zelfgave. Hij is liefde zonder maat, komt nooit liefde te kort. Hij schenkt ons zijn Zoon, die Gods woord tot ons spreekt en ons Zijn Geest schenkt, de Geest die in ons zijn woning bouwt, die ons geweten en ons hart raakt zonder ons ooit te dwingen. Hij is degene die ons verlicht, troost, zalft en helpt. Hij is de Geest Gods die ons leven geeft, volheid van leven en eeuwig leven.
De Geest bewerkt in ons ’n instroom van genade, licht, vuur en kracht, en dat al naar gelang de omstandigheden waarin wij verkeren gedurende de opgang naar God doorheen gans ons leven. De Geest helpt ons om met God liefdevol verbonden te blijven en met Christus vereent te leven. Dat wordt dan voor ons volheid van leven en eenmaal eeuwig leven.
Met de Heer vereent te leven, aan Hem meer en meer gelijkvormig te worden, te luisteren naar-  en te mediteren over zijn woord, dat zij onze betrachting.
Tot besluit:  God is bron en bestemming van ons leven, Alfa en Omega van ons bestaan!... Bovenal bemin Hem!... Doe al wat je kunt om door de nauwe deur binnen te gaan en aan te zitten in het Koninkrijk Gods!
Pater André Loyson cicm

maandag 22 augustus 2011

Paus Benedictus tot de jongeren in Madrid

Ik heb hier uw vreugde en uw trots gezien om tot de Kerk van Christus te behoren. Gij hebt een rustig vertrouwen in de toekomst omdat het geloof een licht werpt op uw levensweg. Ik heb uw enthousiasme gezien en ook de indrukwekkende en massale verstilling op bepaalde momenten.
God is het die aan de oorsprong van het leven is. Hij houdt ontzettend veel van zijn mensen. Hij laat ons nooit alleen. Hij is het die ons Jezus zond en gij moogt zijn getuigen zijn in deze onrustige en turbulente wereld. Wees moedige getuigen van zijn vrede en liefde en van de vreugde die om Hem in u is. Geworteld in Christus zult gij vast staan in het geloof. God zal belangrijk zijn in uw leven. Jezus zal u begeleiden met zijn aandacht en zijn liefde en eens zal Hij u laten deel hebben aan zijn hemels gastmaal.

Het geloof is een kostbare gave. Het is een door God gegeven inzicht in wie Jezus te diepste is en het brengt u tot een nauwe en intense band met Hem.

Als gij Hem wilt volgen moet dat steeds in gemeenschap zijn met de Kerk. Een individualistische aanhang heeft geen toekomst. Uw geloof moet kunnen aanleunen bij het geloof van een gelovige gemeenschap. Ga dus weer naar de kerk en spoor anderen ertoe aan. Neem deel aan de Eucharistie. Onderhoud een persoonlijk gebedsleven. Ga geregeld het sacrament van de verzoening-met-God ontvangen bij de priester. Lees het evangelie. Wees trouw aan Gods woord.

Wees steeds nauw verbonden met Christus. Vertel over de vreugde die het geloof en het evangelie u brengt. Wees zo missionaris in uw land en van uw land. Toon het en zeg het dat Christus redding en verlossing brengt. Werk aan een cultuur van de liefde in uw land. Daarvoor moet gij het hoofd leren bieden aan de negativiteit van uw omgeving en tegen stroom op kunnen varen.

Wees steeds nauw verbonden met Christus. Dat niets u afleide van de weg die Hij voor u is en dat niets u weerhoude uit te komen voor uw geloof.


Met Gods zegen


____________________________________

woensdag 17 augustus 2011

De Paus heeft in Madrid, op 21 augustus 2011, de jongeren toegewijd aan het Hart van Jezus en als voorbereiding daarop hen gevraagd elke dag en ook later regelmatig nog eens dit gebed te bidden :

Heer Jezus, U bent gekomen om een vuur op aarde te ontsteken.

Vandaag geef ik me over aan de wil van de Vader

in de adem van de Heilige Geest.

Zuiver mijn hart, omhels het met liefde en naastenliefde.

Doe het verlangen in mij groeien naar de heiligheid.

Door middel van het Onbevekt Hart van Maria

wijd ik me helemaal aan uw hart om

lief te hebben en u van dienst te zijn.

Amen

donderdag 31 maart 2011

Hoe worden wij meer mens?

Door Jezus' zoenoffer op het kruis worden wij met God verzoend en geheeld in ons diepste wezen. Dat is het heil dat Jezus brengt, dat is de volheid van leven waarover Hij zijn apostelen spreekt. Dat leidt voor elk van ons hier op aarde tot een godsdienstig leven en in het hiernamaals tot eeuwig leven.

Eens zullen wij door Jezus, onze Verlosser en Zaligmaker, opgenomen worden in 'het geheim van Gods goedheid'. De Heer immers heeft bewerkt dat God ons aanneemt als zijn geliefde kinderen en dat wij voor zijn aanschijn kunnen leven in gerechtigheid en heiligheid. En meer nog, God wil aanwezig zijn, wil zijn intrek nemen in de kern van ons menselijk bestaan. Daar wekt Hij inzicht, liefde en sterkte om als christenen te leven.

Het Rijk Gods bestaat hierin zegt de Heer: als iemand Mij liefheeft zal hij mijn woord onderhouden. Mijn Vader zal hem liefhebben en wij zullen onze intrek bij hem nemen. Zo wordt de Geest Gods in ons bron van sociale bewogenheid, van inzet voor een betere samenleving, van broederlijk delen, aandacht en begrip voor elkaar, medemenselijkheid, vriendschap en universele liefde. Dat veredelt de mens.

Door doopsel en sacramenten wordt hij bekwaam gemaakt om te leven in een hechte verbondenheid met God, om een leven te leiden in geloof, hoop en liefde. Zo schenkt God aan de mens zijn christelijke identiteit en zijn volle waardigheid. Dat is onze roeping. Dat is de ware zin van ons menselijk bestaan. Paulus schrijft dat wij verheven worden tot 'de status van zonen', zonen en dochters van de Hemelse Vader. In Christus wordt pas duidelijk waartoe de mens geroepen is en wie wij ten diepste kunnen worden en zijn.